Beestjes

Beestjes

Helaas komen er incidenteel problemen voor met beestjes.

Het explosief optreden van ongedierte (In meer dan 95% van de gevallen gaat het om stofluizen) in het rieten dak of de directe omgeving komt vrijwel uitsluitend voor indien de woning en/of het rieten dak ingrijpend gewijzigd is. Veelal gaat het hier om een nieuw gebouwd pand, of een vernieuwing van het riet al of niet samen met een (ingrijpende) verbouwing. In zowel pannen-gedekte huizen alsook rietgedekte panden komt dit voor, bij de rietgedekte panden heeft het beestje echter meer mogelijkheden om zich te handhaven (in het riet) waardoor de overlast hier over het algemeen langer zal aanhouden. Vrijwel altijd is het optreden van een dergelijke plaag het gevolg van een verstoord evenwicht in combinatie met bouwvocht. Een uitbraak komt voor bij 3 tot 5 % van alle nieuwe rieten daken. (20% in 1999, na het uitzonderlijke natte najaar 1998, de natste sinds 200 jaar, de oorzaak was waarschijnlijk het veel vochtiger zijn van de panden die in deze periode gebouwd zijn.) De overlast zal over de tijd steeds minder worden. De plaag is in alle gevallen na 3 jaar over, dan heeft zich een nieuw evenwicht ingesteld en het overmatige bouw-vocht is uit de woning verdwenen. (het duurt globaal 2 jaar voor alle bouwvocht uit een woning is verdwenen, extra ventileren heeft na het eerste halfjaar weinig zin omdat het vocht te diep in de constructie zit).

Hoewel dit probleem ongelooflijk hinderlijk kan zijn, richten de beestjes geen schade aan, noch zijn ze een gevaar voor de gezondheid van mens en dier. Bestrijding is niet goed mogelijk en doet over het algemeen meer kwaad dan goed omdat het langer zal duren voor een nieuw evenwicht zich in zal stellen.

Het is niet te voorspellen welke 5% van de huizen hierdoor zal worden getroffen. Risico factoren zijn er wel: veel regen tijdens de ruwbouw, een gedeeltelijke vernieuwing (oud naast nieuw), veel huizen bij elkaar en uitgebreid grondwerk rond het pand verhogen de kans op overlast.

Een uitbraak zegt niets over de herkomst en/of de kwaliteit van het gebruikte riet. Over het algemeen worden de insekten wel met het nieuwe riet aangevoerd, maar soms ook waren ze al in een geringe hoeveelheid in de omgeving van het pand aanwezig. Een verstoring van het evenwicht wordt ook vaak veroorzaakt door het opbrengen van nieuwe grond rond een woning. (bij ophoging en/of vervanging van vervuilde grond) Is dit de oorzaak en is er aan het pand niets gewijzigd dan is de overlast meestal al na een jaar geheel over.

aanvulling 17 maart 2007
Bovenstaande is geschreven in 1999. Het probleem van beestjes lijkt iets erger te zijn geworden. Mogelijk is dit een gevolg van de weinig strenge winters en hogere temperaturen van de laatste jaren. Veel riettelers mogen na de oogst het rietland niet meer afbranden van de overheid. Mogelijk dat ook hierdoor het verschijnsel beestjes toeneemt.

Over welke beestjes hebben wij het hier:
In meer dan 95% van de gevallen gaat het om stofluizen.
In een paar procent van de gevallen gaat het om springstaarten.
Daarnaast komen er incidenteel andere beestjes voor.
Bij de Vakfederatie is bekend, bijvoorbeeld in de laatste 8 jaar:
4 keer een probleem met rietluis.
2 keer een probleempje met gaasvlieg larven.
2 keer een probleempje met vlinders.
4 keer brandharen van de processierups. Dit was alleen een probleem voor de rietdekkers.
3 keer een probleem met mijten, ook alleen een probleem voor de rietdekker, in de vorm van jeuk en bulten.
3 keer miljoenpoot, in alle 3 de gevallen betrof het een oud dak (25 jaar of ouder).
In al deze incidentele gevallen bleef de overlast tot 1 jaar beperkt. Indien men in het aangevoerde riet op zoek gaat naar beestjes vind men sporadisch nog meer soorten. Bij ons weten heeft dit echter nooit tot overlast geleid.
De aanwezigheid van beestjes in een nieuw rieten ligt bij schatting op 5 tot 10% van alle nieuwe daken. Turks riet schijnt het meeste last te hebben van stofluizen. Het riet met de minste stofluizen lijkt Nederlands riet te zijn. Stofluis kan echter in alle in Nederland gebruikte rietsoorten voor komen. De vlinders kwamen twee keer voor in Oekrainsch riet.

Bestrijding en preventie van overlast;
Wat u kunt doen tegen de overlast is beperkt. Veel stofzuigen. Ook is het beperkt mogelijk om de beestjes met bestrijdingsmiddelen te lijf te gaan. Koop een spuitbus tegen luizen bij het tuincentrum en behandel daarmee de buitenkant van de kozijnen, de binnenkant van de kozijnen en de vensterbanken. Doe de ramen open en behandel ook de sponning. De beestjes (stofluizen) komen met name met zonnig, warm weer uit het dak. Het rietpakket wordt dan te warm en te droog voor de stofluizen om te overleven. De beestjes gaan aan de wandel op zoek naar koelte en vocht. En komen dan dus ook binnen. In oktober als het weer natter en koeler wordt lijkt het beestjes probleem dan ook over. Wanneer het het volgende jaar weer warm en droog wordt: april/mei lijkt het probleem terug te komen. Er treed weer een piek in overlast op, deze piek neemt doorgaans echter redelijk snel af. Een soort laatste stuiptrekking dus. Dit wetende, kan men bij overlast ook een vochtige doek ergens neerleggen, bijvoorbeeld in de vensterbank. Bij voorkeur ook met de spuitbus behandeld. Tot slot kunt u een professioneel bestrijdingsbedrijf in de arm nemen. Zij zullen hetzelfde behandelen als hierboven omschreven. Zij kunnen dit echter doen met middelen die langer werkzaam blijven dan de middelen die uzelf kunt kopen.

Meer informatie over dit onderwerp kunt u vinden op onze download pagina, trefwoord: beestjes

Wilt u een landelijk werkende proffessionele bestrijder inschakelen ?


Overlast van grotere beestjes:
Overlast van grotere beestjes is ook mogelijk. Als eerste kan er dan last van vogelschade zijn. Vogelschade wordt voornamelijk veroorzaakt door: kauwen, roeken, eksters en houtduiven.

Deze vogels zijn in staat om individuele rietstengels uit het dak te trekken. Zij doen dit op zoek naar nestmateriaal of gewoon uit balorigheid, een soort vandalisme in de dierenwereld. Die keren dat dit voorkomt wordt het riet vaak uitgetrokken net onder de nok. Het riet is hier korter en ligt slechts onder 1 dikke draad gebonden. Worden er op dezelfde plaats steeds weer rietstengels uitgetrokken kan het overblijvende riet zo los komen te zitten dat er een hele bos riet uitzakt. Dit losse riet lijkt een hele grote hoop. Toch is de schade dan slechts zeer beperkt. Gaas onder de nokvosten kan dit probleem voor een groot deel voorkomen of verhelpen. Zijn er te veel vogels, of zorgen dezelfde vogels steeds weer voor nieuwe overlast kan het verwijderen van de vogels soms noodzakelijk zijn om dit totaal te stoppen. Dit komt vooral bij eksters voor.
Een Belgische rietdekker die in een bosrijke omgeving bij zijn klanten steeds weer eksterschade tegenkwam heeft bij oplevering van het nieuwe dak aan zijn klanten kenbaar gemaakt dat in voorkomend geval men bij hem een vangkooi kon lenen. Vanaf dat moment was het "vogelgaatjes" probleem van deze rietdekker over.
Ook een bevriende jager kan soms voor de gewenste oplossing zorgen. Natuurlijk heeft de oplossing: wegvangen en elders weer loslaten, meestal de vookeur. Voor aanschaf vangkooien etc. zie o.a.:Fokkink Handelsonderneming, Varsseveld

Naast vogelschade komt er nog incidenteel andere schade voor:
Zo zijn er bij de Vakfederatie 2 schadegevallen bekend met eekhoorns. Deze eekhoorns kregen pinda's in de dop aangeboden, een puntzak per dag. Omdat de tuin door de tuinman netjes opgeruimd was vonden de eekhoorns het een beter idee om de nootjes in het rieten dak te begraven. Toen men stopte met het voeren van de pinda's hield ook het probleem van het begraven op. Helaas was er toen al een behoorlijke schade aangericht.

Verder zijn er van de laaste tien jaar een paar gevallen van boom- of steenmarterschade geweest. Na het wegvangen van de marters (en het elders weer los laten in verband met de beschermde status van het beest) was ook dit probleem over. Het lijkt erop dat vogelschade aan het toenemen is omdat kraaiachtigen niet meer als schadelijk wild te boek staan en dus niet meer zoals vroeger intensief bestreden worden. Hetzelfde geldt voor steenmarters, het gaat blijkbaar goed met deze dieren, er komen er steeds meer, ook in onze onmiddelijke woonomgeving.

Meer over steenmarters:

Een van de vele folders over de steenmarter  

Een artikel over de opmars van de steenmarter

Nog meer informatie, tips en trucs: http://www.steenmarterinfo.nl

Colofon & Disclaimer | Veelgestelde vragen | Algemene voorwaarden | Sitemap | RSS     Vakfederatie Rietdekkers © 1997 - 2017